The Native Circle.

Mitayue Oyasin.

Yule.

Yule is de langste nacht. Tussen 20 en 22 december bereikt de zon op het noordelijk halfrond zijn laagste stand. We nemen aan dat dit ook al in de Steentijd een belangrijk moment was, want een aantal bouwwerken zijn zodanig ontworpen dat het zonlicht met Midwinter in het binnenste van de tempel kon vallen. Dit is bijvoorbeeld het geval bij Newgrange in Ierland. Deze tombe dateert van 3200 v. Chr. Men heeft uitgerekend dat men met 300 werkkrachten er 20 jaar aan gebouwd heeft. De tombe is niervormig en heeft een doorgang van 19 meter. Elk jaar valt tussen 17 en 23 december met zonsopgang 17 minuten het zonlicht in de doorgang. In deze nacht schenkt de Godin het leven aan het Licht, en de Zon keert weer terug. De Zon keert weer, geboren uit de donkere en voedende schoot van de Moeder, de Grote Godin. De Heer van de Dood is de Heer van de Wedergeboorte, en duisternis maakt nu plaats voor het licht als elke dag langer wordt. Men denkt dat het woord Yule afstamt van het Deense woord Hjul, wat wiel betekent. Yule is ook wel bekend als winterzonnewende en , in mindere mate als wintersolstitium. Beide namen slaan op het verschijnsel dat rond deze tijd in het jaar de dagen en nachten een aantal etmalen precies even lang zijn. Voor de zonnewende worden de dagen alsmaar korter en de nachten langer, terwijl na de zonnewende de dagen steeds langer worden en de nachten korter. De zon heeft zich dus 'gewend' en het licht keert terug. Dit verschijnsel komt ook terug in de naam Yule. Het wiel van het jaar draait zich en de volgende fase begint. De terugkeer van het licht was zeer belangrijk voor onze voorouders, want meer licht betekende meer zon en warmte, hetgeen een nieuwe groeiperiode voor de gewassen betekende. Het is dus ook niet vreemd dat daarom dit bij uitstek een tijd was om feest te vieren. Het ergste deel van de winter was namelijk voorbij en vanaf nu kon men gaan uitkijken naar de tijd dat de natuur weer in bloei zou komen. Onze voorouders zagen dit feest dan ook als het midden van de winter, ofwel de donkere periode. Terwijl wij tegenwoordig 20 december, de dag waarop we Yule hebben vastgelegd, juist zien als het begin van de winter. Dit komt omdat wij puur uitgaan van onze tijdsklok.

Yuletijd.

Yule ofwel Joel, was echter meer dan de winterzonnewende. Het Yule feest duurde wel 12 dagen. Oorspronkelijk vierden onze Germaanse voorouders deze 12 dagen vanaf de eerste volle maan na de zonnewende. Volgens de mythologie raasde Wodan met de geesten van onze voorouders als zijn volgelingen door de nacht die hun afstammelingen de zegen geven van overvloed. Maar ook van Holda werd gezegd dat ze een belangrijke rol speelde. De Godin Holda was de moedergodin die de levende beschermde en de doden toedekte De tocht van Wodan en/of Holda met hun gevolg werd ook wel de wilde nacht genoemd. Het oude werd op alle mogelijke manieren afgebroken om plaats te maken voor het nieuwe. De teruggekeerde doden maakte het onmogelijke mogelijk. Voor de Germanen waren bomen krachtplaatsen waar de geesten leefden. Om ze gunstig te stemmen werden ze behangen met vruchten en koek. Het Romeinse midwinter feest, Saturnalia, werd 6 dagen voor en na de kortste dag gevierd. Saturnalia is gewijd aan Saturnus, van oorsprong een landbouw god , die niet de dood maar de levenskracht belichaamde die de dood overwon.

Saturnus.

De naam is afgeleid van saturn, het gezaaide, en saturare, in overvloed schenkend. Saturnus moest weer wakker geschud worden om de laatste vonk van leven weer aan te wakkeren. De 12 dagen waren een tijd waarin alles anders was. Buiten tijd en ruimte werd alles omgedraaid. Slaven werden door meesters bediend, oorlogen werden tijdelijk onderbroken en scholen en openbare gebouwen waren tijdelijk gesloten. Men bezocht vrienden en familie en bracht waardevolle, maar kleine geschenken mee. Vooral waskaarsen waren een populair geschenk. Ze waren in die tijd kostbaar en symboliseerden het terugkerende licht. Daarnaast gaf het licht van de kaarsen de mensen de gelegenheid om na de duisternis nog activiteiten te doen. Huizen werden versierd met groene takken als symbool van het eeuwige leven. De derde dag was gewijd aan Ops, de godin van de vruchtbaarheid die geassocieerd werd met de rijpende vruchten. Zij werd als gemalin van Saturnus gezien. Deze tijdloze periode behoorde ook aan de wereld van de doden. Op 23 december werd de beschermvrouwe van de geesten, Larentina geëerd. In haar naam werd er geofferd aan de doden. Dit veranderde toen de Romeinen de overhand kregen. Julius Caesar had namelijk zijn kalender ingevoerd (de Juliaanse kalender) en volgens zijn kalender werd het winterfeest 12 dagen na het solstitium gevierd, hetgeen door de Germanen werd overgenomen. Het winterzonnewende feest, en alles waar dat voor stond, was dusdanig belangrijk dat er flink gefeest moest worden. Men wilde namelijk toch zeker weten dat het nieuwe seizoen weer vruchtbaar werd en dat vergde flink wat eerbetoon. Daarbij kwam nog dat in de winter men bij uitstek de tijd had om het er een paar dagen goed van te nemen. De rest van het jaar had men het immers druk met zaaien, verzorgen en oogsten. Yule was zo ingeworteld en belangrijk in het leven van onze voorouders, dat de christelijke bekeerders het zelfs met dreigementen van hel en verdoemenis niet uitgeroeid kregen en geen andere keus hadden dan de feesten te kerstenen. Dit zien we nog steeds terug in de serie van 12 feestdagen na de Kerst, eindigend met Driekoningen op 6 januari, in de Rooms Katholieke Kerk. de Christelijke kerk schoof zelfs heiligen naar voren om de aandacht van de heidense winterfeesten af te leiden. Lucia, geboren in de 3de eeuw, gaf haar verloving op om zich te wijden aan haar christelijke roeping, waarvoor zij tijdens de christenvervolging werd vermoord.

Vervolging Lucia.

Haar naam betekent licht en ze werd in de late middeleeuwen verbonden met de terugkeer van het licht. Tijdens het Luciafeest (13 december) ging de jongste dochter gekleed in het wit met een kroon van brandende kaarsen de slaapkamers af om alle huisgenoten koffie en lekkernijen te brengen. 13 december gold voor de gregoriaanse kalender als de kortste dag, maar ook na de invoering ervan bleef men op 13 december haar naamdag vieren. Op Sint Thomas (21 december) was het gebruikelijk om in de nacht alles op zijn kop te zetten. Jongeren gooiden kruiken tegen deuren kapot en in de kerk werd gedanst. Ook het Thomasluiden was bedoeld om nieuwe levenskracht op te wekken. Met name in het Noorden van ons land was het gebruikelijk om tussen 21 en 31 december de hele dag de klok te luiden. Het Midwinterhoornblazen was vooral in Twente heel populair en is tot op heden nog steeds populair. In vele religies werd tijdens Midwinter de lichtgod geboren,zoals Mithras en Osiris. Of er was sprake van verjonging van de zonnegod zoals Sol Invictus. De kerk schoof Jezus naar voren als zonnegod. Want ook hij werd vergeleken met het licht dat de duisternis verdreef. Er is nooit overeenstemming geweest over de juiste geboortedag van Jezus. In alle waarschijnlijkheid vond deze plaats in de lente. In de 3de eeuw werd voor het eerst 25 december als zijn geboortedag genoemd. 6 januari gold over het algemeen als het einde van de Joeltijd. In Constantinopel werd Epifanie gevierd, wat eigenlijk verschijning betekende. De dag dat de wijzen uit het oosten Jezus kwamen vereren. Driekoningen zoals het nu gevierd word vertoond nog sporen van het gebruik om de gevestigde orde te keren. De koek die gebakken word bevat een boon; de persoon die de boon in zijn koek vind is voor een dag koning.

Yule en de Kerst.

De Christelijke kerk zag zich genoodzaakt de Yule-tijd te kerstenen om de mensen naar de kerk te krijgen. Het duidelijkste voorbeeld hiervan is de kerst. Het feest van de geboorte van Jezus Christus werd aan de winterzonnewende gekoppeld. Vandaar dat wij ook zelfs vandaag de dag nog veel heidense gebruiken terug zien komen in de kerstviering. Je kunt hierbij denken aan de Kerstboom, de cadeautjes, en het feestelijke kerstmaal. Deze items zijn oorspronkelijk onderdeel van het heidense Yule feest. In eerste instantie vielen beide feesten ook op dezelfde datum. Yule werd niet zoals tegenwoordig op 20 december, maar op 25 december gevierd. Deze datum was zo vastgesteld in de Juliaanse kalender. Wat men echter niet wist is dat deze kalender, met precies 365 dagen, iets korter was dan het eigenlijke jaar. Het gevolg was dat langzaam maar zeker Yule steeds eerder gevierd werd. Om dit te ondervangen heeft men na een aantal eeuwen besloten een paar dagen over te slaan in december en zo werd het gat deels gedicht. Tevens kwam er voortaan een aangepaste jaarrekening. Yule kwam met deze beslissing officieel op 20 december te liggen. De kerk heeft van deze gelegenheid gebruik gemaakt om beide feesten te scheiden van elkaar. Het was hen namelijk al lang een doorn in het oog dat kerst tegelijkertijd met het heidense Yule gevierd werd. Zij hielden dus kerst op 25 december, de oorspronkelijke datum, terwijl Yule door de aangepaste kalender voortaan op 20 december zou zijn. Echter, de gebruiken die bij Yule hoorden waren inmiddels zo verweven in de kerst dat deze ook nu nog gebruikt worden. Sterker nog, tegenwoordig lijken de heidense gebruiken meer synoniem te zijn met de kerst dan de geboorte van Jezus Christus zelf.

De legende van de hulst koning en de eik koning.

De Eikkoning is de Heer van het groene woud, van het lengen der dagen. Zijn heerschappij begint met midwinter en eindigt met midzomer wanneer zijn broer de Hulstkoning de scepter overneemt. Met Yule vechten de broers symbolisch om de gunst van de Godin in haar aspect van leven schenker in de dood. Dood en wedergeboorte van het licht vormen het thema. De Eikkoning is belofte, leergierigheid, groei, God van de wassende zon. Zijn broer de Hulstkoning is inkeer, wijsheid, rust,God van de afnemende zon. Hun symbolische strijd laat niet de dood van de een zien, maar de overheersende invloed van de ander. De geest van de geslagen koning waart nog rond maar zijn energie is afnemend, zoals de energie van de overwinnaar toenemend is. De Godin is altijd aanwezig, de cirkel van het leven. Zij wordt bevrucht, geeft leven, neemt leven. Zij ontvangt en geeft. De god in zijn twee verschijningsvormen voedt de Godin met zijn energie, strijd voor haar, staat in dienst van haar, van dood en leven. Tijdens Yule (midwinter) en Litha (midzomer) gaat een aspect van hem te ruste en wordt het andere aspect geboren. Deze eeuwige cyclus is een symbolische weergave van wat wij waarnemen en voelen in de natuur om ons heen en in onszelf. Koning Hulst regeert van Litha (20 juni) tot Yule (20 december). Koning eik heerst van 21 december tot 21 juni. De oorspronkelijke yuleboom was een eikenboom, die met Yule in de brand werd gestoken als zijnde vuuroffer aan de lichtgod.

Het Yule blok.

Het Yule blok is een groot stuk hout, meestal eikenhout, kersenhout of pruimenhout, dat gebrand werd tijdens Yule. Het moest ook blijven branden tot het einde van de Yule-tijd. Doofde het blok vroegtijdig dan was dit alvast een slecht voorteken voor het komende jaar. De oudste vermelding van het Yule blok staat in de Capitula van Martinus van Bracara (6e eeuw), als een door de kerk verboden Nieuwjaarsgebruik. Het wordt beschreven als een wortelvormig stuk eikenhout (onderkant van de stam). Dit blok werd in de haard gestookt en men goot er bier, mede of wijn over en voegde er veldvruchten en zout aan toe. De as hiervan werd inderdaad over de akkers uitgestrooid. Als het vuur eenmaal was aangestoken, moest het gedurende 'Twaalfnachten' blijven branden. Men sneed evenwel een stuk van de wortelstam af, voordat het was opgebrand, om te bewaren voor het komende jaar. Met dit stuk werd het nieuwe Yule blok aangestoken. Het symboliseert dus het 'Eeuwige Vuur'. Geschreven bewijs voor het gebruik van het Yule blok in Nederland, duikt voor het eerst op in een akte uit 1264, geschreven door de schepenen van Susteren. De as van het Yule blok kun je gebruiken om dingen die je wilt starten te bekrachtigen. Het blok werd met de nodige ceremonie gehakt. Voor de versiering van het Yule blok kun je bijvoorbeeld hulst gebruiken of linten. Neem wel natuurlijke materialen, anders gaat het in het vuur erg stinken.

Yule en de Elfen magie.

Met Yule komen de Elfen vrede en vriendschap naar ons toe, met stemmen waarin de door herinneringen uit verre tijden voortgebrachte dromen en voorzeggingen weerklinken. We doen een beroep op de Elfen om ons te toekomst te helpen vinden. De hele winter wachten we op de betoverende aanwezigheid van de Elfen, en met Yule zijn ze er dan. Je kunt een elfenstaf maken van een zilveren tak waaraan je zilveren belletjes hangt. Wanneer krachten vibreren, geven ze licht af. Bellen of klokjes zijn boodschappen van licht en geluid, die ons door de elfen worden gestuurd. De belletjes zorgen er ook voor dat kwade geesten uit de buurt blijven. Wees je bewust van deze natuurwezentjes rond Yule, ze kunnen je helpen als je het even niet ziet zitten in de donkere tijden.


Klik op de afbeelding om naar onze dochter website "Kracht- en Totemdieren" te gaan:

Mitakuye Oyasin.

(We are all related)