The Native Circle.

Mitayue Oyasin.

De heilige man houdt de pijp boven de rook. Eerst richt hij de steel naar het Westen en daarna naar het Noorden, Oosten en Zuiden. Vervolgens heft hij de steel ten hemel. Dan raakt hij met de voet van de pijp de grond aan en zuivert alle heilige benodigdheden, de bizonvacht en de offerstokken. Tenslotte maakt hij kleine tabaksbundels die hij aan de uiteinden van de offerstokken vastbindt. De oude heilige man, weer aan de Westkant in de hut gezeten, pakt de snijplank voor de tabak en begint de kinnikinnick klein te snijden en te mengen. Hij beoordeelt eerst nauwkeurig de grootte van de pijp, want hij moet precies genoeg tabak klaarmaken om de kop van de pijp te vullen en zeker niet meer. Iedere keer als hij een stuk je tabak afsnijdt, biedt hij dit een der windstreken van de wereld aan. De oude man let er goed op dat niets van de plank afvalt, want hierdoor zouden de donderwezens bijzonder vertoornd raken. Wanneer het mengsel klaar is, neemt hij de pijp in zijn linkerhand en een pluk 'Kinnikinnick' in zijn rechterhand en spreekt een gebed uit. "0 'Wakan-Tanka', mijn Vader en Grootvader, gij komt op de eerste plaats en vóór u was er niemand! Aanschouw deze jeugdige man hier, wiens geest wordt gekweld. Hij wil over het heilige pad reizen en zal u deze pijp aanbieden. Wees hem genadig en sta hem bij! De vier krachten en het gehele universum zullen in de kop van de pijp worden geplaatst, waarna deze jongeling met de hulp van de gevleugelde en van alle dingen u de pijp zal aanbieden. Gij, Gevleugelde Kracht van de plek waar de zon ondergaat, zult als eerste in de pijp worden geplaatst. Gij en uw bewakers zijn oud en heilig. Zie, er is plaats voor u in de pijp! Sta ons bij met uw twee heilige blauwe en rode dagen!"

De heilige man stopt de pluk tabak in de pijp. Vervolgens houdt hij een andere pluk omhoog en wijst ermee naar het Noorden, waar de reus 'Waziah' woont. "0 gij, Gevleugelde Kracht die vertoeft op de plek waar de reus zijn tent heeft opgeslagen en waar de krachtige, zuiverende winden vandaan komen. Er is plaats voor u in de pijp. Sta ons bij met de twee heilige dagen waarover gij beschikt!"  De Kracht van deze windstreek wordt in de pijp gestopt en een derde pluk tabak wordt naar het Oosten gehouden. "0 gij die vertoeft op de plek waar de zon opkomt, gij die het licht bewaakt en ons kennis schenkt, deze pijp zal aan 'Wakan-Tanka' worden aangeboden! Ook voor u is er plaats. Sta ons bij met uw heilige dagen!"  De Kracht van het Oosten wordt op dezelfde manier in de pijp gestopt. Nu wordt er een pluk tabak naar het Zuiden gehouden, de plek waar wij altijd op uitkijken. "0 gij die de heilige winden beheerst en vertoeft op de plek waar we altijd op uitkijken, uw adem geeft leven. Onze generaties komen uit u voort en zullen naar u terugkeren. In deze pijp, die zal worden aangeboden aan 'Wakan-Tanka', is plaats voor u. Sta ons bij met de twee heilige dagen waarover gij beschikt!"  Zo worden de krachten van de vier windstreken in de kop van de pijp gestopt, waarna er weer een pluk heilige tabak ten hemel wordt geheven, nu voor 'Wanbli Galeshka', (de Gevlekte Adelaar) die alle andere schepsels overstijgt en 'Wakan-Tanka' vertegenwoordigt. "0 'Wanbli Galeshka', die in de hoogste hemelen rond cirkelt, gij ziet alles in de hemel en op aarde. Deze jongeling zal dadelijk zijn pijp aanbieden aan 'Wakan-Tanka' om kennis te verwerven. Sta hem bij en alle anderen die hun stem via u naar 'Wakan-Tanka' doen op­ gaan. Er is plaats voor u in de pijp. Geef ons uw twee heilige rode en blauwe dagen."  Met dit gebed wordt de Gevlekte Adelaar in de kop van de pijp geplaatst. De oude heilige man richt nu een pluk tabak naar de aarde en vervolgt zijn gebed. "0 'Unchi' en 'Ina', onze Grootmoeder en Moeder, u bent heilig! Wij weten dat onze lichamen uit u zijn voortgekomen. Deze jongeling wil één worden met de dingen en kennis verwerven. Sta hem bij in het belang van alle volkeren! Er is plaats voor u in de pijp. Geef ons uw twee heilige rode en blauwe dagen!" Aldus wordt de kracht van de aarde in de pijp gestopt. Dan zijn alle zes krachten van het universum samengebracht. Maar om zeker te zijn dat werkelijk alle volkeren van de wereld in de pijp worden opgenomen, offert de heilige man nu kleine stukjes tabak voor elk van de gevleugelde volkeren, en vervolgt zijn gebed. "0 heilige koningsvogel, gij die op de twee heilige dagen vliegt en uitblinkt in het grootbrengen van uw kinderen, mogen wij op dezelfde wijze leven en ons vermenigvuldigen. Deze pijp zal zo aanstonds aan 'Wakan-Tanka' worden aangeboden! Ook voor u is daarin een plek ingeruimd. Sta ons bij!"

Onder begeleiding van hetzelfde gebed worden vervolgens kleine plukjes tabak voor de veldleeuwerik, de merel, de specht, de sneeuwgors, de kraai, de ekster, de duif, de valk, de sperwer en de kaalhoofdige adelaar geofferd en in de pijp gestopt. Het laatste restje tabak wordt geofferd voor de tweevoeter die om een visioen zal gaan smeken en zichzelf aan 'Wakan-Tanka' zal aanbieden. De pijp wordt daarna verzegeld met talk, want de weeklager zal de pijp meenemen naar de top van de berg waar hij hem aan 'Wakan-Tanka' zal aanbieden. De pijp zal pas worden gerookt als het smeken om een visioen is beëindigd en de jongeling is teruggekeerd naar de heilige man. Nu worden alle bundels met offerstokken en de andere gezuiverde benodigdheden opgenomen en aan de Westkant buiten de hut neergelegd. De drie mannen verlaten de hut en bereiden zich voor op de 'Inipi' (zweethut) door al hun kleren, op hun lendendoek na, uit te trekken. Ook andere mannen die op dat moment aanwezig zijn, kunnen aan dit zuiveringsritueel deelnemen. De weeklager gaat nu als eerste weer de 'Inipi' (zweethut) binnen en nadat hij een ommegang heeft gemaakt met de richting van de zon mee, gaat hij aan de Westkant zitten. Hij pakt de pijp op die in de hut is achtergelaten (met de steel naar het Oosten) en draait deze met de richting van de zon mee in de rondte voordat hij hem rechtop voor zich houdt. Gedurende het eerste deel van het ritueel blijft de jongeling in deze houding zitten. Daarna betreedt de heilige man de hut. Hij loopt achter de weeklager langs en neemt plaats aan de Oostkant, naast de ingang. De resterende plaatsen worden ingenomen door andere mannen die aan het ritueel willen deelnemen. Twee mannen blijven buiten om als helpers te fungeren. Een van de helpers vult op gewijde wijze een pijp en geeft die door aan de man die links van de weeklager zit. Ook de steen die al eerder is gezuiverd wordt de hut binnengebracht. Deze steen wordt in het midden van de heilige kuil neergelegd. Vervolgens wordt er een tweede steen ten Westen van deze heilige plek neergelegd en dan worden de overige stenen aan de Noordkant, de Oostkant en de Zuidkant van de kuil neergelegd.

Terwijl de stenen worden aangedragen, maakt degene die de pijp vasthoudt die bij het ritueel zal worden opgerookt een rondgang langs de stenen en raakt ze met de steel van de pijp aan. Ondertussen roepen alle mannen: "Hi ye! Hi ye!"  De pijp wordt aangestoken, aangeboden aan de hemel, de aarde en de vier windstreken, en wordt vervolgens de kring doorgegeven en opgerookt. Bij het doorgeven van de pijp benoemt een ieder zijn relatie tot de persoon die naast hem zit. Nadat iedereen heeft gerookt, roepen zij tegelijkertijd: "Mitakuye Oyasin!." (Wij zijn allemaal met elkaar verwant!) Degene die de pijp heeft aangestoken, leegt hem nu en legt de as op de centrale offertafel. Nadat hij de pijp heeft gezuiverd, geeft hij deze naar links door, waarna die verder wordt doorgegeven naar buiten. De helper vult de pijp opnieuw en legt hem met de steel naar het Westen tegen de heilige aardhoop. De toegang tot de hut wordt afgesloten en de heilige man in het Oosten begint in het donker te bidden: "Kijk! Alles wat beweegt in het universum is hier verzameld!"  Dit wordt door iedereen in de hut herhaald en na afloop roepen ze gezamenlijk: "How!"

"Hee-ay-hay-ee-ee! Hee-ay-hay-ee-ee! Hee-ay-hay-ee-ee! Hee-ay-hay-ee-ee! Ik doe een stem opgaan! Hoor mij aan! Hoor mij aan! Hoor mij aan! Hoor mij aan! 'Wakan-Tanka', Grootvader, aanschouw ons! 0 'Wakan-Tanka', Vader, aanschouw ons. Op dit grote eiland bevindt zich een tweevoeter die zegt dat hij u een pijp wil aanbieden. Op deze dag zal hij zijn belofte waarmaken. Naar wie anders dan naar u zouden wij een stem kunnen doen opgaan, 'Wakan-Tanka', onze Grootvader en Vader. 0 'Wakan-Tanka', deze jeugdige man smeekt u om genade. Hij zegt dat zijn geest wordt geplaagd en dat hij uw hulp nodig heeft. Door deze pijp aan u te bieden, zal hij u zijn lichaam en ziel aanbieden. De tijd is nu rijp. Binnenkort zal hij naar een hoge plek gaan en daar om uw bijstand smeken. Wees hem genadig. 0 gij, vier Krachten van het universum, gij gevleugeld en van de lucht en gij volkeren die in het universum voortbewegen, gij zijt allemaal aanwezig in de pijp. Sta deze jonge man bij met de kennis die gij allemaal aan 'Wakan-Tanka' te danken hebt. Wees hem genadig! 0 'Wakan-Tanka', gun deze jongeling verwanten. Laat hem één worden met de vier winden, met de vier Krachten van de wereld en met het licht der dageraad. Moge hij zijn verwantschap met alle gevleugelde volkeren van de lucht begrijpen! Hij zal zijn voelen neerzetten op de heilige aarde van een bergtop. Moge hij daar begrip vinden! Mogen zijn nakomelingen heilig zijn! Alle dingen zeggen u dank, O 'Wakan-Tanka'. Gij zijt barmhartig en helpt ons allen. Wij vragen dit alles van u, omdat wij weten dat gij de ene en de enige zijt, en dat uw macht zich over alles uitstrekt!"

Terwijl er een beetje water over de roodgloeiende stenen wordt gesprenkeld, zingen de mannen: "Grootvader, Ik doe een stern opgaan! Naar de hemelen van het universum doe ik een stern opgaan, Opdat mijn volk zal leven!"  Terwijl de mannen dit lied zingen en de hete stoom opstijgt, smeekt de weeklager. Hij verootmoedigt zichzelf om zijn nietigheid tegenover 'Wakan-Tanka' te benadrukken. Even later opent de helper de toegang tot de hut en de weeklager omklemt nu innig zijn pijp. Hij drukt hem eerst tegen zijn ene schouder en daarna tegen zijn andere, waarbij hij onophoudelijk smeekbeden tot de Grote Geest richt: "Wees mij genadig! Sta mij bij!"  De pijp gaat dan de kring rond en alle andere mannen omklemmen de pijp innig en smeken op dezelfde manier. Dan wordt de pijp aan de helpers buiten de hut doorgegeven. Ook zij omklemmen hem innig en plaatsen hem tegen de kleine aardhoop met de steel naar het oosten, omdat deze windstreek de bron van licht en wijsheid is. De tweede pijp die bij de zuiveringsrite wordt gebruikt en met zijn steel naar het Westen tegen de heilige aardhoop staat aangeleund, wordt nu de hut binnengebracht en overhandigd aan degene die links van de weeklager zit. Deze pijp wordt aangestoken, en nadat iedereen in de kring ervan gerookt heeft, wordt hij weer overhandigd aan de helper buiten de hut. Hierna wordt er water de hut binnengebracht en de weeklager mag nu zoveel drinken als hij wil, maar hij moet ervoor waken dat hij geen water verspilt of op zijn lichaam morst, want dit zou de toorn kunnen opwekken van de donderwezens die de heilige wateren bewaken. Hij loopt dan het risico dat ze zijn nachtelijke weeklachten komen verstoren.

De heilige man geeft de weeklager opdracht zijn lichaam met de salie in te wrijven, waarna de toegang opnieuw wordt afgesloten. De op één na heiligste man in de hut, iemand die een visioen heeft gehad, gaat nu voor in gebed. "Op deze heilige aarde zijn de donderwezens mij genadig geweest en hebben zij mij een kracht gegeven die afkomstig is van de plek waar de reus 'Waziah' woont. Ik werd bezocht door een adelaar, die ook jou zal bezoeken wanneer je om een visioen gaat smeken. Vanaf de plek waar de zon opgaat, stuurden ze mij een kaalhoofdige adelaar. Ook die zal zijn blik op jou richten. Vanaf de plek waar we altijd op uitkijken, stuurden ze mij een gevleugelde. Ze waren mij zeer genadig. Hoog in de hemel is een gevleugeld wezen dat naast 'Wakan-Tanka' zit. Het is de Gevlekte Adelaar en ook hij zal jou aanschouwen. Je zult worden opgemerkt door alle Krachten en door de heilige aarde waarop je staat. Zij hebben mij het rechte pad gegeven dat ik op deze aarde moet bewandelen. Moge ook jij dit pad leren kennen! Richt je aandacht op de betekenis van deze dingen en je zult tot inzicht komen! Dit alles is niets dan de waarheid. Vergeet het niet! 'Hetchetu Welo'!"

Vervolgens zingt deze heilige man: "Ze zenden een stem aan mij! Vanaf de plek waar de zon ondergaat, zendt onze Grootvader mij een stem! Vanaf de Plek waar de zon ondergaat, spreken ze mij aan als ze mij naderen! De stem van onze Grootvader roept mij! Die Gevleugelde, daar waar de reus woont, zendt mij een stem, hij roept mij! Onze Grootvader roept mij!"  Terwijl de oude man dit lied zingt, wordt er water over de gloeiende stenen gegoten. Nadat de mannen enige tijd in het duister in de hete stoom hebben gezeten, wordt de toegang van de kleine hut geopend en stromen licht en frisse lucht binnen. Opnieuw wordt dan de pijp van de heilige aard hoop genomen en die wordt nu overhandigd aan de man aan de Noordkant in de hut. Nadat de pijp is opgerookt, wordt hij teruggelegd op de aardhoop met de steel gericht naar het Oosten. De toegang van de hut wordt afgesloten, en dit keer gaat de heilige man aan de Oostkant voor in gebed. "0 'Wakan-Tanka', aanschouw alles wat wij hier doen en luister naar onze vragen! 0 gij, Kracht van de plek waar de zon ondergaat, gij beheerst de wateren. Met de adem van uw wateren zuivert deze jongeling zichzelf. En ook jullie, 0 oeroude stenen die ons bijstaan, moeten luisteren. Jullie liggen rotsvast op deze aarde en wij weten dat zelfs de winden jullie niet aan het wankelen kunnen brengen. Deze jongeling staat op het punt zijn stem te doen opgaan met een smeekbede voor een visioen. Jullie helpen ons door hem iets van jullie kracht af te staan. Door jullie adem wordt hij gezuiverd. 0 eeuwig vuur bij de plek waar de zon opkomt, aan u ontleent deze jonge man kracht en licht. 0 bomenvolk, 'Wakan-Tanka' heeft jullie de kracht gegeven rechtop te staan. Mogen jullie deze jonge man altijd tot voorbeeld dienen. Moge hij zich met overgave aan jullie vasthouden! 'Hetchetu Welo'!" (Het is goed!)

De mannen zingen daarna opnieuw en na enige tijd wordt de toegang geopend. De pijp wordt vervolgens doorgegeven aan de heilige man aan de Oostkant. Deze steekt hem op, en nadat hij een paar keer een trek heeft genomen, laat hij hem de kring rondgaan. Als de tabak is opgerookt, neemt de helper opnieuw de pijp aan en plaatst hem tegen de aardhoop. Dit keer wijst de steel naar het Zuiden. Voor de laatste keer wordt de toegang tot de 'Inipi' (zweethut) afgesloten en nu richt de heilige man zijn gebeden tot de stenen. "0 jullie oeroude heilige stenen, jullie hebben ogen noch oren, en toch kunnen jullie alles horen en zien. Dankzij jullie kracht is deze jongeling gezuiverd, zodat hij op waardige wijze kan vertrek­ ken om een boodschap van 'Wakan-Tanka' te ontvangen. Zij die deze heilige hut bewaken, zullen zo dadelijk voor de vierde keer de toegang openen. Dan zullen wij het licht der wereld aanschouwen. Wees de bewakers van de toegang genadig! Laat hun nakomelingen gezegend zijn!"  Dan wordt er weer water over de nog steeds zeer hete stenen gesprenkeld en als de stoom de hele hut heeft gevuld, wordt na enige tijd de toegang geopend en roepen de mannen: "Hi ho! Hi ho!" (Dank!) De smeker om een visioen verlaat de hut als eerste en gaat al weeklagend tegenover de kleine aardhoop op het heilige pad zitten. Een van de helpers neemt de gezuiverde bizonvacht op en legt deze over de schouders van de weeklager. Een andere helper pakt de pijp die de hele tijd tegen de aardhoop stond geleund, en overhandigt deze aan de weeklager die nu gereed is voor de beklimming van de hoge berg alwaar hij om een visioen gaat smeken.


Klik op de afbeelding om naar onze dochter website "Kracht- en Totemdieren" te gaan:

Mitakuye Oyasin.

(We are all related)