The Native Circle.

Mitayue Oyasin.

Litha.

Litha is ook bekend onder de namen Midzomer, Zomersolstitium en Zomerzonnewende. Dit feest wordt traditioneel op de vooravond van de zomerzonnewende gevierd, op 21 juni. Dit is de langste dag van het jaar en de nacht ervoor is dus de kortste nacht. Na deze dag zullen de dagen weer korter worden tot Yule. Met Litha bereikt alles een hoogtepunt,alles om ons heen is groen. Het is ook de dag met de meeste zonne-uren. Dit geeft de kracht van de zon weer. Er wordt een keerpunt gevierd, men wacht de oogst af en de vruchtbaarheid van de gewassen is nu maximaal. Litha is afkomstig uit het oud Germaans en betekent berghelling. Dit zou goed de symbolische berghelling kunnen weergeven die de zon in juni beklimt en in juli afdaalt. In het plantenrijk gaat de groei nu over in rijping. Nu de strijd om het bestaan is gewonnen wordt de energie gebruikt om het voortbestaan van de soort veilig te stellen. Mythen betreffende het seizoen omschrijven de gebeurtenissen rond het hoogtepunt van de zon en daarop volgend het begin van de toenemende duisternis. Een favoriete mythe uit de noordelijke landen gaat over de strijd tussen de Eik Koning (God van het wassende licht) en de Hulst Koning (God van het afnemende licht). De twee gaan een  gevecht aan en vanzelfsprekend wint de hulstkoning, zodat hij het rijk regeert tot Yule, wanneer hij plaats maakt voor het wedergeboren Kind van het licht, de jonge Eik Koning. Het idee van Goden die elkaar doden is niet alleen een vermakelijk verhaal, het is een krachtig magisch beeld. Als de Hulst Koning de Eik Koning verslaat, is dat niet echt een letterlijke dood; het betekent een verschuiving in de balans van kracht. De Eik Koning heeft slechts het toneel verlaten, tot hij weer kan terugkomen. Dit weerspiegelt dat de dood niet slecht of kwaadaardig is, maar meer een noodzakelijke transformatie.

Litha is altijd een vrolijk jaarfeest geweest. Muziek in de vorm van drums met zang en dans waren veel voorkomend. Midzomervuren werden ontstoken voor bescherming, reiniging, en de hoop dat de zon zijn warmst lang genoeg zal behouden om een goede oogst te bieden. Vaak werd tijdens de kortste nacht niet geslapen. Net als andere feestdagen heeft de kerk ook geprobeerd deze dag om te vormen tot een christelijk feest. 24 juni werd de geboorte dag van Johannes de doper. Opvallend is hier dat eigenlijk alle heiligen geëerd worden op een dag dat ze sterven  en niet op hun geboorte dag. Ook de geboorte van Jezus werd verplaatst van laat in de lente, zijn eigenlijke geboorte dag, naar 25 december, de dag waarop de Zonnekoning werd geboren. In feite heeft de christelijke kerk zich dus ook hier aangepast aan de cyclus van de aarde zoals die door de heidenen destijds werd geëerd. Het feest van Johannes de doper valt op 24 juni. Dit komt omdat tot 1700 de Juliaanse kalender gehanteerd werd en volgens deze kalender was 24 juni de langste dag. Ook al verschoof Litha naar 21 juni na de invoering van de Gregoriaanse kalender, toch bleef men het gewoonte getrouw toch vaak op 24 juni vieren. Tijdens Litha is mede een belangrijk symbool. Mede is een alcoholische drank die gebrouwen word van honing. Incidenteel werd er geloofd dat, omdat de god en godin in mei trouwen, het ongeluk bracht als je als sterfelijke in mei zou trouwen. Veel vrouwen bleken na de mei vuren echter zwanger te zijn en zo kwam het dat juni een erg populaire maand werd om te trouwen. Dit is ook de reden dat in het Engels de periode na de bruiloft honeymoon heet, afgeleid van de naam honing.

De naam Midzomer is misschien een beetje vreemd, omdat deze datum tegenwoordig in verband wordt gebracht met het begin van de zomer. Maar de oude Kelten kenden slechts twee seizoenen: licht en donker, zomer en winter. Tijdens Midzomer vierden zij het hoogtepunt van de zomer, dus het midden van de lichte helft van het jaar. Ze zomer zonnewende wordt in vele plaatsen over de hele wereld gemarkeerd door o.a. steencirkels, markeringen of tunnelachtige passages waardoor licht alleen tijdens de zonnewende schijnt. Dit toont aan dat de mensen deze dag belangrijk genoeg vonden en de moeite namen om de zonnewende te kunnen voorspellen en vastleggen. Midzomer is een zonnefeest. Tijdens Midzomer is de zonnecyclus op haar hoogtepunt. In de meeste bekende mythen wordt de zon als mannelijke godheid afgeschilderd. Toch komt ook het tegenovergestelde voor. Onder andere in de Baltische landen, waar men de Zonnegodin Saule vereert. In haar wagen doorkruiste ze de lucht om warmte, genezing en groei te verzorgen. Er zijn tal van liedjes die naar haar verwijzen den die ook in deze tijd nog gezongen worden. Een oud gebruik was om met Midzomer brandende wielen of tonnen van heuvels af te rollen. Dit werd gedaan om de zon te begroeten.

Vuur.

Vuur was tijdens het midzomer feest erg belangrijk. Zo worden sinds heel vroeger met midzomer vuren ontstoken om de zon te eren. Ook werden kruiden in het vuur gegooid voor geluk en om boze geesten af te weren. Als stelletjes hand in hand over het vuur sprongen en elkaar onderweg niet loslieten, zou dat garant staan voor een langdurige en goede relatie. De as van het vuur werd mee naar huis genomen om zich te beschermen tegen onweer en bliksem en om zich te verzekeren van harmonie in het huwelijks leven. Deze midzomer vuren werden later gekerstend en omgedoopt tot Sint Jans vuren. Om het geluk af te dwingen werd er over het vuur gesprongen in de veronderstelling dat de gewassen zo groot en hoog zouden worden als zij konden springen. Nog steeds springen mensen tijdens Litha over de vuren (of  lopen tussen ontstoken kaarsen door) om zichzelf met kracht te vullen en om symbolisch dat gene weg te branden dat we niet meer nodig hebben.

Midzomerkrans.

In Litouwen wordt tot op de dag van vandaag met Midzomer een ritueel uitgevoerd rondom een paal die vergelijkbaar is met de meiboom. Deze paal wordt Kupole genoemd en heeft in de top drie takken. Deze moeten de takken van de levensboom voorstellen, waaruit de zon, de maan en de sterren zijn ontstaan. Vrouwen maken bloemenkransen en de mannen dragen kransen van eikenbladeren. Deze met kransen behangen mannen doen sterk denken aan de in het Westen bekende Groene Man, een vegetatiegod. Ongetrouwde meisjes gaan met hun rug naar de Kupole staan en werpen hun bloemenkrans omhoog, in de hoop dat deze in de takken van de Kupole blijft hangen. Het aantal mislukte pogingen wordt gezien als het aantal jaar dat het meisje nog moet wachten eer ze zal trouwen. In andere Baltische landen worden de kransen te water gelaten. Als de krans van een man en een vrouw bij elkaar komen te drijven, zou dat een voorteken zijn voor een liefdesrelatie en huwelijk.

De Stropop.

Vroeger werd de godin van het oude en jonge graan vertegenwoordigd door een persoon, die geofferd werd. Afhankelijk van de cultuur was dit een vrouw of een man. Een overblijfsel van dit ritueel is de vogelverschrikker; een stropop op ware lichaamsgrootte die rond een vaak kruisvormige houten paal wordt opgehangen en boven het veld uitkomt. Dit om hongerige vogels af te schrikken en om toe te zien op een vruchtbare oogst. Een andere verklaring voor de vogelverschrikker is de volgende; de Romeinse god Priapus was een god van vruchtbaarheid en bescherming van het gewas. Beeldjes van deze god werden naar gezegd geplaatst om de oogst te beschermen en goed te laten groeien. De vogelverschrikker zou een overblijfsel van dit gebruik zijn. Stropoppen werden ook wel gezien als een verpersoonlijking voor alles wat oud is en dat vervangen zou worden door het nieuwe. In dit geval was dat de nieuwe oogst. Daarom werd met Midzomer vaak een stropop gemaakt, een overblijfsel van de vorige oogst, waarmee men rond de akkers liep om een goede oogst af te dwingen. Tijdens het oogstfeest dat later volgde werd deze pop meestal verbrand.

De Bezem.

Een ander oud gebruik is het 'rijden' op lange stokken of bezemstelen. Dit ritueel werd veelal door vrouwen uitgevoerd. Men maakte met de stok of bezem tussen de benen zo hoog mogelijke sprongen op de akkers. Men geloofde dat het graan zo hoog zou groeien als de sprongen die gemaakt werden.

Elfen.

Tijdens Midzomer zou de sluier tussen onze wereld en die van 'het kleine volk', ofwel de elfen, dunner zijn dan anders. Contact met 'het kleine volk' zou daarom gemakkelijker tot stand te brengen zijn. Dit vind je ook terug in de literatuur, bijvoorbeeld in 'A Midsummer Night's Dream' van Shakespeare. Ook wordt wel gezegd dat de vlier je kan helpen bij ontmoetingen met elfen. Niet alleen omdat elfen zich vaak in de buurt van deze boom zouden bevinden, maar ook vanwege de magische krachten van de vlier zelf. Dep tijdens de Midzomernacht je ogen met het sap van de vlier en je zult de elfen makkelijker kunnen zien. In de eerste eeuw na Christus schreef de Griekse Claudius Aelianus dat de bloemen van de pioenroos met Midzomer opengaan en dat er in de bloemen elfen wonen die tijdens de nacht licht uitstralen.


Klik op de afbeelding om naar onze dochter website "Kracht- en Totemdieren" te gaan:

Mitakuye Oyasin.

(We are all related)